Een speciale tante

 

Ik ben op weg naar Fijnaart, een dorp in Noord-Brabants Westhoek. Het is de plaats waar ik ben opgegroeid.  Ik ga er heen in verband met een interview over de historische roman die ik schrijf.  De eerste twee deeltjes van het boek spelen zich af in die omgeving.

 

Na het interview, later die middag, bel ik aan bij tante Ba. De 88-jarige noemt zichzelf een oud besje. Ik heb haar verwaarloosd, maar ze begroet me met een brede grijns en een warme omarming.

We halen herinneringen op. Ze vertelt hoe ze op haar fiets mijn toen vijfjarig zusje bijna omver reed. „Dat snotjong rende ineens de straat op”,  verkondigt ze verontwaardigd, als was het gister gebeurd. Wij waren pas in het dorp komen wonen. Het incident vormde het begin van een innige relatie. De kinderloos gebleven Ba werd ook onze „tante”, zoals ze dat was voor generaties buurtkinderen. Ze bakte koekjes met ons, als wij het deeg niet voortijdig hadden opgesnoept. Voor mijn vader, haar huisarts, maakte ze griesmeelpudding met sap van eigen bessen. Als bijzonder genodigde was zij erbij toen we hem cremeerden.

Zij weet nog hoe ik in diezelfde kamer bij haar vader op zijn knie zat en we door ditzelfde raam naar buiten keken. Het uitzicht op de kerk en de kerkring is in al die jaren nauwelijks veranderd. De nieuwe dominee wel. Die zwaait joviaal wanneer hij langs het raam voorbijloopt. Hij draagt een spijkerbroek en trui. Ba vindt dat maar zozo. 

Als ik haar vertel dat ik een historische roman schrijf over ons dorp, vraagt ze of zij er ook in voor komt. Nee lieve tante Ba, dat verhaal speelt zich af in de 19de eeuw. Maar weet je wat: ik moet nog wel een gastblog schrijven. Daarvoor zoek ik nog een hoofdpersoon.

 

eerder verschijnen op de website van Sylvia Visser

 

© 2015 A M Vermeulen

Reacties via Facebook kunnen zonder inloggen